Innerlijk Besef

Heelmeesters: in de voetsporen van de Egyptische Sjamanen

Verslag van de lezing door Richard Hoofs op woensdag 8 september 2021.

Deze lezing gaat over de heelmeesters in Egypte en hoe zij werkten en wat wij er heden mee kunnen. Naast gesproken woord, zal Richard ook een aantal oefeningen met ons doen.

Richard begint met vocale muziek voor een gezamenlijk moment; op het lichtbeeld staat te lezen: “Alles is een, de Ene is alles”. Dit is het uitgangspunt van de Hermetica, de wijsheidsleer van Hermus/Thoth, de goddelijke kracht van heling en wijsheid. De hele Egyptische cultuur is doortrokken van dit uitgangspunt. Dit is terug te zien in de gebouwen, de piramides, aan hoe deze cultuur geregeerd werd en hoe men omging met infectieziektes en pandemieën. Richard laat ons kennismaken met de Egyptische cultuur, vanuit eigen ervaringen. Hij wilde als jongeman Egypte leren begrijpen vanuit zijn hoofd, maar hoe vaker hij er kwam hoe meer hij de cultuur steeds meer vanuit zijn hart ging ervaren. Er is gedurende duizenden jaren gemediteerd, en op krachtplaatsen in Egypte is dat vaak nog te voelen.

Tijdens een workshop die Richard gaf bij de vrijmetselaars zag hij tegen de achterwand een miniatuur van de grens-stèle van Amarna, de stad van Achnaton. Veel vrijmetselaars, loges en rozenkruisers, hebben nog een band met Egypte.

Farao betekende vroeger ‘het Grote Huis’, wat staat voor een samenhang van disciplines om het land (of meer) te regeren. Pas later werd het woord Farao een woord in de betekenis van ‘keizer’, ‘koning’ of ‘leider’. Op de stèle die Richard bespreekt, brengen Achnaton en Nefertiti eer aan het licht. Via de Lichtstralen reikt het licht hun de Ankh aan, de levenskracht, als verbinding tussen degenen die het land besturen en het goddelijke.

Wanneer je vanuit je hoofd iets wilt begrijpen, kom je er van bovenaf in. In de Egyptische cultuur leefden men vanuit de verbinding. Deze verbinding zie je terug in de piramides.

Het Veld van Gizeh maakt deel uit van een groter veld rond Heliopolis, de oude stad van het licht, de zon Aton, waarop 50 tot 100 piramides met allerlei lijnen verbonden zijn.

 

Richard deelt een bijzondere ervaring tijdens zijn eerste reis naar Egypte. Hij bezocht de piramide van Gizeh en kwam in de koningskamer, midden in de piramide. Het was er stampvol toeristen, hij kon er bijna niet in. Hij ging op de grond zitten om bij te komen en te voelen en binnen no time was hij er alleen. De gids bood hem aan, tegen betaling, plaats te nemen in de rode granieten sarcofaag. Zijn eerste reactie was weerzin vanuit een gevoel van heiligschennis, maar zijn nieuwsgierigheid won het toch. Nadat hij ging liggen trad hij onmiddellijk in een andere dimensie. Hij ervaarde zowel een grote kracht de aarde in als ook richting de hemel. Hij had het gevoel alsof hij uit zijn lichaam trad. Toen hij zijn ogen weer open deed was de ruimte weer volgestroomd met toeristen die lachend over de rand naar hem keken. De ervaring in de sarcofaag maakte een diepe indruk op hem en hij had tijd nodig om zich te realiseren wat hij had meegemaakt.

 

Het algemene uitgangspunt in Egypte

“Zo boven, zo beneden”, of je het land nu regeert, of bier brouwt of brood bakt. Zoals je op aarde leeft en handelt, weerspiegelt jouw verbinding met het sacrale, de kosmos. De Egyptenaren waren heel goed in het bestuderen van de sterren, ze hadden een prachtig uitgewerkte kalender met 365,25136…(tot vele cijfers achter de komma, zo precies) dagen. De Romeinen hebben dit gejat in plaats van uitgevonden en rondden de 365 dagen af tot twee cijfers achter de komma.

 

De drie piramiden in Gizeh staan in dezelfde lijn als de gordel van het sterrenbeeld Orion.

Orion weerspiegelt Osiris, de goddelijk kracht van de onderwereld. In de grote piramide van Gizeh bevinden zich de koninginnekamer en koningskamer, (de namen hebben niets te maken met een koning of koningin), daaronder bevindt zich een holle ruimte met schachten naar buiten, vanuit de koninginnekamer gericht op Sirius en vanuit de koningskamer op Orion en de poolster (in de kleine beer). De energie van die sterren wordt als het ware in die kamers gevangen.

De Zodiac, zoals wij die kennen als de dierenriemtekens, komt uit Egypte. De Sfinx kijkt naar de opkomst van de zon en Sirius. Deze heldere ster is gedurende een deel van het jaar onzichtbaar. Het eerste moment dat Sirius weer zichtbaar is, in de ochtendschemering vóór zonsopkomst in augustus, valt samen met het moment dat de Nijl buiten zijn oevers treedt. Deze jaarlijks terugkerende overstroming is voor Egypte van levensbelang. De Sfinx zelf bestaat uit één blok steen. Op de foto die getoond wordt, zijn ook bakstenen te zien, maar dat zijn reparaties. Het oorspronkelijk steen laat sporen van watererosie zien, ontstaan door enorme regenbuien. De laatste van zo’n enorme bui was 10.000 jaar voor Christus. De Sfinx moet dus nog ouder zijn.

Egypte kende duizenden jaren van hoog welzijn. Men ging uit van de verbinding van alles en van karma. Wat je zaait, zul je oogsten. Ze kenden drie geschriften de hiërogliefen, het hiëratisch schrift en het demotisch schrift. De uitgangspunten worden van binnenuit gevoeld, niet van buitenaf opgelegd.

 

Verbinding met Maät, de kosmische orde

De godin Maät is de verpersoonlijking van het gelijknamige begrip maät, wat waarheid, gerechtigheid en orde betekent. Zij draagt de veer van wijsheid (de sjoe) op haar hoofd: “Moge de veer van Maät de weg wijzen, terug naar de Bron”.

Na de dood wordt het hart gewogen. Wanneer het hart niet zwaarder is dan de veer van Maat, als je vrij bent van karma, hoef je niet meer terug naar de aarde (reïncarnatie). Het hart is zwaarder dan de veer, wanneer het nog vol boosheid, angst, aardse gehechtheden, etc. is.

Wij kennen ook de uitdrukking nog: ‘maat houden’. De veer van Maät is de wegwijzer.

Het hiërogliefenschrift vormt een soort stripboek. Richard laat een plaatje zien waarop te zien is dat Hermes Trismegistus de Farao met de Ankh, de levenssleutel, heelt. Hermes is de god van wijsheid en heelkunde. Hermes heeft een staf in de hand, de caduceus, dat is de staf met de twee slangen. Dat is bij ons nog het symbool van artsen, de esculaap, deze heeft één slang.

Ben je ‘uit de verbinding met Maät’, dan ontwikkel je een klacht. Is de maatschappij ‘uit de Maät’, dan komt er een pandemie.

Wij, in het huidige westen, hebben het uitgangspunt: iets is kapot, dan maken we het en dan gaat het beter. Dit is een materialistisch uitgangspunt. We gaan daarbij voorbij aan de zielskracht.

In het oude Egypte combineerde men het materialistische én het spirituele.

De Egyptenaren waren buitengewoon kundig. Na een hersenbloeding konden ze door een schedelboring de hersenen ontlasten en de mensen leefden door. Dit is uit vondsten van schedels en zo’n 20-30 geschriften gebleken.

 

Een van die geschriften is de ‘Smith-Papyrus’, dat is een kopie van een ouder geschrift geschreven door Imhotep, de ‘koning van de artsen’. Hieruit blijkt hoogontwikkelde kennis van de bloedsomloop, de hersenen, de hersenvliezen. en behandelingen die je als arts dient te doen. Het hart werd als zetel van de ziel beschreven, de belangrijkste positie in het lichaam. Ze konden de pols voelen, dit gaf informatie over het hart. Na de dood werd het lichaam gebalsemd nadat alle organen uit het lichaam waren gehaald, behalve het hart, dat bleef in het lichaam. De hersenen werden als waardeloos weggedaan.

Maag, darmen, longen en lever ging in vaten mee het graf in. Ze gingen ervan uit dat het hart nodig was voor de verdere ontwikkeling van de ziel (de Ba), voor de komende reïncarnatie.

 

Ba en Ka

Ba, de ziel, afgebeeld als vogel met hoofd van een mens en een gouden schijf. Ka wordt afgebeeld als een schaduw van de mens. De Ka met de handen naar boven gericht, staat voor de persoonlijkheid in overgave aan de ziel. De Akh, de vogel met gouden schijf, is een staat die je bereikt, wanneer ziel en persoon samengaan. Dit is de levensopdracht. Wanneer Ba en Ka (ziel en persoonlijkheid) met elkaar in evenwicht zijn, ben je verlicht, dan herverbind je je met de goden en verschijn je als een gouden ster aan de hemel. Je hoeft dan niet meer te reïncarneren.

Egyptenaren waren erg bezig met de dood, de ziel en energie.

In Egypte werden verschillende geneesmethoden beoefend, naast chirurgie en kruiden werd ook met energie en de aura gewerkt. We zien een afbeelding van Farao Seti I, die omhuld wordt met de levenskrachten van Horus aan rechterkant en van Thoth aan linkerkant. De aura wordt versterkt. De aura helpt ons om weerbaar te zijn en ons te openen.

 

Oefening:

Neem ruimte in zodat je om je heen met armen wijd rond kunt draaien en niemand raakt. Wrijf je handen tegen elkaar tot ze warm worden. Warmte is energie. Dan breng je je handen voor je buik, iets uit elkaar alsof je een bal vasthoudt. De handen beweeg je wat verder uit elkaar en weer dichter naar elkaar toe. Kun je iets voelen tussen je handen, een weerstand of warmte? Als je iets ervaart, ervaar je de energie van je aura. Breng je handen tegen elkaar naar boven (Namasté) tot boven de kruin, dan openen we onze handen en visualiseren we als het ware een beschermende poort om ons heen. Ook voor en achter je en onder je voeten door. Je omhult je met jouw energie. Doe dit 3 maal. Daarna doen we het nog eens, maar wanneer de handen boven zijn draaien we ze naar buiten en vegen als het ware alles wat we niet in onze ruimte willen, schoon, ook aan de achterkant. We herhalen dit een paar keer.

Hoe meer verbinding je maakt met jezelf hoe meer verbinding je met elkaar voelt.

 

Richard laat een plaatje zien van een ‘Per Ankh-huis’ in Abydos. De Per Ankh-huizen van Leven, zijn een soort huisartsenposten. In de afdelingen in de tempels van weleer werden diagnoses gesteld, medicijnen ontwikkeld, operaties uitgevoerd en de zieken verpleegd.

Het ging daar anders dan we nu gewend zijn. Je kwam met hele groepen en aan de poort werd bepaald of je binnen mocht. Soms kreeg je alleen een vraag die met “ja” of “nee” beantwoord kon worden. De helers waren zowel mannen als vrouwen. In de ‘Hal van Hoop’ trokken de genezers zich terug en mediteerden, soms liggend, soms zittend, op de vraag van de patiënt. In de zaal waren verschillende energieën aanwezig waar de healer mee in contact kon treden. Deze zakte beter in het lichaam waardoor hij/zij beter contact kon maken met het hogere. Ook nu geldt nog: hoe meer je in contact ben met jezelf, hoe beter je er voor een ander kunt zijn.

Er kon een heel arsenaal aan therapieën worden ingezet: behalve pillen en snijden, was er sacrale seks, meditatie, acupunctuur.

Het Osirion is een tempel voor Osiris, die in tegenstelling tot de bovengrondse tempels, 30 meter de grond in gaat. Er staat altijd water in, er zwemmen ook vissen in. In deze tempel krijg je meer verbinding met de aarde, de bovengrondse tempels verbinden je meer met de kosmos.

 

Op dit punt aangekomen neemt Richard ons mee met een geleide meditatie diep…diep…diep de aarde in, om vervolgens vanuit onze voeten door ons lichaam heen via de kruin en onze persoonlijke ster 20 cm boven ons hoofd, de verbinding te maken met het centrum van de kosmos, om vandaaruit door ons kruinchakra ons lichaam weer binnen te treden, het hele lichaam weer door om tot slot ter verankering in onze voeten aan te komen.

 

Neters/gidsen:

Ieder mens heeft een persoonlijke gids (neter). Je kunt het beleven als een steun van buitenaf, of als een kwaliteit van binnenuit. Breng je je gaven naar buiten dan realiseer je jezelf en ben je verlicht. Dan schep je jouw wereld, dat is de reden dat je reïncarneert. Jouw eerste levensjaren weerspiegelen jouw verbinding met de goden: jouw unieke gave wordt als het ware gewekt door de gebeurtenissen. Je gids, je neter/goddelijke kracht/totem helpt je die gave te verwerkelijken. Het kan een afbeelding zijn om die energie toegankelijk te maken. Iedereen heeft een unieke neter die bij je past en die je helpt, om je levensdoel te realiseren.

Kom je bijvoorbeeld bij de geboorte klem te zitten, dan zal de kracht die je in moet zetten om naar buiten te komen en te overleven, een kracht zijn die je hele leven doorwerkt. Als je in het begin van jeleven meemaakt dat je erg gepest wordt, kan dit je gevoelig maken, alert op de buitenwereld, je gevoel ontwikkelen voor leed en je voorbereiden op een taak als therapeut. Je trauma is ook je kracht of je gave.

 

Richard laat ons kennis maken via afbeeldingen en korte informatie met de goddelijke begeleiders:

Anubis: De jakhalsgod is de goddelijke kracht van de balsemers, de mummificeerders. Gids in het donker, hij kan in de andere wereld schouwen, de weg naar huis vinden. Dit is de neter van de priesterklasse. Ze werkte met de kleur zwart.

Hathor: De oermoeder, zorgzaam, dans, zang, liefde, genieten, seksualiteit. Een vrouwelijke godin met de horens van een koe. Verbonden met de maan, vruchtbaar, gevend, liefdevol. Speelse vrouwelijke energie. Het tweede chakra en de kleur wit hoort hierbij. Haar tempel staat in Dendera.

Sekhmet: met het leeuwenhoofd. Haar tempel staat in Karnak. Innerlijke kracht is haar gave. Nu bijvoorbeeld bij een pandemie, zouden ze Sekhmet naar buiten halen en focussen op innerlijke kracht om het immuunsysteem te versterken. Dit is de kracht van het derde chakra en de kleur is rood. De Egyptenaren werkten overigens wel met bescherming, quarantaine en cirkels van zout, maar gefocust op innerlijke kracht.

Toth/Hermes: Helpt vertrouwd te worden met je hart. Leert je zien met je hart/gevoel. De kleur hierbij is groen. Er zijn twee verschijningsvormen: de Ibis en de Baviaan. Rafiki, de wijze aap uit de Lion King heeft de kenmerken van Toth/Hermes. (The Lion King is een oud Afrikaans verhaal, het stamt uit Egypte.)

Horus: De goddelijke kracht van het licht. Het Licht overwint het donker. We zitten nu in donkere tijden. Horus zal het licht terug brengen.

Isis: Is verbonden met Sirius. Wanneer deze ster boven de horizon verschijnt overstroomt de Nijl en zorgt voor vruchtbaarheid. Isis kan leven scheppen uit de dood. Ze laat zich bevruchten door Osiris die dood was en die ze zelf met magie weer heel heeft gemaakt. Zij is de grote magiër.

Osiris: Hij staat symbool voor reïncarnatie en transformatie, onderscheidingsvermogen: Hij draagt de dorsvlegel om het kaf van koren scheiden. Osiris vraagt verantwoording af te leggen voor het goddelijke in jezelf. De kleur is groen. Er staat een beeld in Abydos.

 

Het verhaal van Isis en Osiris:

Isis en Osiris waren de eerste heersers van Egypte, zij regeerden met liefde. Maar jaloerse broer Seth sloot Osiris op in een sarcofaag en voerde hem af. Zo nam hij de macht over. Isis zocht en zocht tot ze hem vond. Ze vond hem, verzwakt maar levend, en nam hem mee terug naar Egypte,
waar ze hem met haar levensadem en liefde nieuw leven probeerde in te blazen. Op het moment dat ze haar zuster Nephtys erbij ging halen voor hulp, vond Seth de kist. Hij sneed Osiris in 14 stukken en verspreidde die door Egypte.

Opnieuw ging Isis op zoek naar haar geliefde. Met de delen die ze vond, met magische spreuken en de kracht van onvoorwaardelijke liefde maakte ze hem weer heel. De penis had ze niet kunnen vinden, die maakte ze zelf. Isis bracht Osiris weer ‘tot leven’, terwijl hij in het land van de doden verbleef. Eén nacht konden ze samen zijn en werd ze zwanger. Ze baarde Horus, beschermde hem, hield hem verstopt en voedde hem. Pas toen Horus ouder en sterker was, kwam Osiris uit de onderwereld en sterkte hem voor de strijd met Seth. Deze strijd duurde jaren, maar uiteindelijk won Horus.

 

Taweret: Nijlpaardgodin, beschermt bij bevallingen en pasgeboren kinderen.

Ptah: De goddelijke kracht die het hart met de stem verbindt: Schepping van de bouwmeesters. Hij heeft de staf van Ptah met de ankh (levenssleutel) en met Djed, die overeenkomt met de wervelkolom en met de ‘was-scepter’ (macht over chaos van Seth). Het was dus een driedelige staf, waarmee hij energie kan laten door stromen.

Bes: De godin van de seksualiteit en humor. Een huisgod, vrolijkheid en bescherming in huis.

Seth: De satan of duivel. De Egyptenaren vereerden ook de duivel. Deze tegenkracht heb je nodig om te kunnen groeien. Het was niet goed of slecht. Voor hun was de dood veel dichterbij en minder taboe.

 

De goddelijke krachten kiezen jou, niet omgekeerd. Je neter komt door in je dromen.

 

Als oefening mogen we uit een grote tas een rolletje pakken, nadat we ons innerlijk op een voor ons actuele vraag hebben geconcentreerd. In het rolletje zit een afbeelding van jouw neter. Voor ieder is er een neter die zich op deze manier bekend maakt. Het kan de begeleider van je leven zijn, maar ook een tijdelijke kracht, afhankelijk van je vraag. Richard loopt de zaal rond om hier en daar toelichting te geven.

De crux zit vaak in het stellen van de vraag.

 

Helingsmethoden, naast chirurgie:

Werken met energie: Op de hiërogliefen zien we vaak het Ankh-teken waarmee rituelen worden uitgevoerd. De Ankh staat voor het Leven dat altijd doorgaat: reïncarnatie. De bovenkant van de cirkel is het vrouwelijke aspect (Jin), de onderkant, de staf het mannelijk aspect (Yang). Het kruis is het eeuwigheidssymbool. Met de vrouwelijke energie werd in de aura gewerkt, met de mannelijke kant werden entiteiten van je afgehouden.
De inscriptie op het kruispunt en het materiaal waar de Ankh van gemaakt is, geeft een speciale lading aan de energie.

 

Homeopathie met de stèle: De stèle is een tablet of pilaar, meestal uit één stuk steen of hout gehouwen, met daarin een in reliëf gebeeldhouwde voorstelling en/of tekst. De afbeelding op de stèle geeft een bepaalde kracht. Horus bijvoorbeeld, trekt zich terug in het moeras en komt daar op kracht. In het water zit de essentie van de Horus-tempel. Water over je voeten laten stromen, geeft deze kracht aan de persoon. Er worden tevens gebeden gepreveld. Water wordt mee naar huis genomen om aan zieken te geven. De levenskracht wordt opgenomen in het water, een soort homeopathie.

 

Heling door aanraking: Door de hand op de stèle te leggen, bijvoorbeeld die van Imhotep, word je met de energie opgeladen.

 

Voetzoolmassage: met oliën om meer in je lichaam te komen. Koud en warm water wisselen elkaar af. Mint-olie in warm water werkt aardend en stimuleert de energie. Afgesloten kan worden met rozenolie, dat werkt op het hart. Mint-olie, met woestijnzand en zout, ontwikkelt de ervaring van warmte, dit geeft een enorme doorbloeding.

 

Zandheling: Hierbij wordt de patiënt aan de rand van de woestijn ingegraven in zand. Dit werkt bij artroseklachten, suikerziekte, om af te vallen en bij het overwinnen van trauma’s. Pittig proces.

 

Sacrale dans-genezing: vinden we in de Hathor-tempel in Dendera. Zo’n tempel moet je je voorstellen als een heel dorp, verschillende zaaltjes met verschillende energieën.

 

Recitaties zingen met de energie van bepaalde sterrenbeelden: Dit werd bij de geboorte gedaan, om het kind een veilige landing op aarde te geven.

De originele afbeelding van de Zodiac (sterrenbeelden) die op het dak van de tempel lag, is te vinden in het Louvre van Parijs. Wat nu op het dak van de tempel in Dendera ligt is een replica.

 

Kundalini- en chakra-energie: De stèle van Djed en de staf van Ptah laten de energie doorstromen.

Door vroege Christenen werden soms gezichten en ook fallussen uit de stèles weggehakt. Dit om de stèles te ontkrachten.

 

In het oude Egypte werd met 13 chakra’s gewerkt. Belangrijk is het middenrif- of peesplaatchakra, deze zit tussen de zonnevlecht en het hartchakra en is verbonden met Sekhmet. Het thymus-chakra zit tussen het hart- en het keel-chakra en is verbonden met eigenliefde en zelfheling. Ter hoogte van het ‘derde oog’ bevindt zich het hypofyse-chakra (7e) en midden in het hoofd het epifyse- of pijnappelklier-chakra. Op 20 cm boven het hoofd bevindt zich de bovenste (13e) chakra.

 

 

Aan het eind van de lezing doen we nog een oefening: Eerst kloppen we de thymusklier als het ware wakker. De thymusklier is verbonden met onze eigenliefde en zeer belangrijk voor ons afweersysteem/zelfheling. Hij zit achter het borstbeen, tussen de keel en het hart in. Je maakt verbinding door zacht te tappen, na verloop van tijd open je de energie door al tappend met je linkerhand vanuit de thymus een verbinding te maken je rechterschouder, weer terug naar het midden en met je rechterhand tappend naar je linkerschouder en weer terug naar de thymus. Tot slot sluit je zacht de ogen en maakt een klank die dichtbij voelt.

 

Het was fijn dat er weer een live lezing mogelijk was na lange tijd. Met dank aan Richard Hoofs, met dank aan de organisatie.