Innerlijk Besef

De vierde dimensie

Verslag van de lezing door Hans Stolp op dinsdag 14 maart 2006 in het Van der Valkhotel te Assen. Wat zoek je: erkenning, rijkdom of kies je voor de ontwapenende kracht van de liefde, het mededogen?

“Wat leven we toch in een fascinerende, spannende en bijzondere tijd,” begint Hans Stolp zijn lezing over de 4e dimensie, “dat we bij die overgang mogen zijn die zich in stilte aan het voltrekken is.”

3000 Jaar voor Christus is deze tijd begonnen, deze eerste aanzet tot de transformatie naar de 4e dimensie. Bij welk beginpunt we nu zo dichtbij zijn. 5000 Jaar heeft het geduurd. De Maya’s hebben deze hele periode verdeeld in 13 kortere periode. De laatste – de 13e – duurde van 1618 tot 2012 en is de Baktun van de transformatie van de materie genoemd. In 2012 komt er een eind aan het materialistisch denken. De mens leert heel anders om te gaan met het leven, de materie, met het eigen leven. We zullen meer en meer gaan zoeken naar geestelijke waarden. Liefde en ‘zijn’ worden belangrijker dan ‘hebben’. Het is een grote sprong naar de 4e dimensie en de mensen zullen zich er persoonlijk op voor moeten bereiden. Maar we krijgen hierbij hulp van de Zonnegeest (symbool voor de kosmische afdaling van de liefde naar de aarde) die al vanaf de ondergang van Atlantis bezig is af te dalen naar de mensheid. Alle religies kennen en spreken over deze Geest van de Zon. De inmiddels volledig afgedaalde geest van de Zon zal ons helpen met de transformatie vanuit ons lager zelf, ons ego, naar ons Hoger Zelf.

Alleen dan kan die grote verandering ook plaats vinden. De Mayatraditie zegt: als we straks in die 4e dimensie zitten, zal alles wat je denkt, alles wat je zegt, direct werkelijkheid worden. Alle andere grote tradities vertellen hier ook over. Het is een universeel gegeven dat we in deze tijd een sprong maken naar een heel nieuw tijdperk. Volgens eeuwenoude kennis van de Egyptenaren begon 17 september 2001 de grote transformatie op aarde. Deze kennis dateert van 10.000 jaar voor Christus. De datum stond gebeiteld in een piramide op de drempel naar de Koningskamer, de plaats van transformatie.

Wat houdt die transformatie in? Letterlijk staat er: “Dan zullen zij die in Hem zijn, het Goddelijke, datgene worden wat Hij is.” Wij zullen worden als God. In het Johannesevangelie heeft Jezus ook een keer tegen zijn leerlingen gezegd: “Jullie zijn goden.” In die beslissende overgangstijd zal het Hoger Zelf, onze innerlijke Christus of Boeddhanatuur aan het licht komen. Als die geboren wordt, zullen wij worden als God.

We gaan in deze tijd door een enorme transformatie, schoonmaak en omvorming heen. Maar ook de Egyptische traditie zegt dat er een grondige voorbereiding nodig is zodat we die sprong kunnen maken.

We gaan naar een hogere trilling toe. De tijd versnelt. Als de tijd versnelt, zakt de mens automatisch – alweer volgens alle grote tradities – van het denken in het hoofd naar het denken in en met het hart.

Let dan goed op. Hans vertelt dat hij er al zijn hele leven mee bezig is, te zakken uit het denken vanuit zijn hoofd, naar denken met het hart. Als die heilige energieën gaan stromen, komt allereerst al het vuil naar boven, al het oude karma. Je kunt er niet meer aan voorbij, we zullen er iets mee moeten doen. Er vindt een versnelde aflossing van karma plaats. Vroeger kreeg je 7 levens om je karma af te werken. Tegenwoordig krijgt de mens vaak al tijdens dit leven uitgezet karma teruggespiegeld.

Maar niet alleen persoonlijk, ook collectief karma zal opgelost moeten worden. Hans wijst op de groeiende conflicten in de westerse wereld en de Islam;  tussen de Palestijnen en Israël; tussen katholieken en protestanten in Ierland. Allemaal oud karma. Oog om oog, tand om tand. Maar door die donkerte heen, gaan we het licht zien. De Hopi-indianen zeggen dat de wereld gelouterd zal worden. Die loutering gaat beginnen als “de bomen gaan sterven, als warme plaatsen koud worden en koude plaatsen warm.” Daar waar de mensen de moed hebben de kwetsbare en pijnlijke weg van vergeving te gaan, daar wordt een weg naar de nieuwe tijd gebaand. Karma kun je transformeren door dienstbaar aan anderen te zijn, niet vanuit verplichting, maar meer: de ander is mijn naaste. Iedereen weet dat je van moeilijke en pijnlijke ervaringen veel kunt leren. Verbonden met de innerlijke kracht van liefde heeft het een zeer transformerende werking op ons karma.

In de 4e dimensie communiceren we telepathisch met elkaar. (Zoals nu al in de geestelijke wereld na onze dood telepathisch gecommuniceerd wordt.) We bewegen ons met behulp van innerlijke geestkracht. We kunnen met onze geestkracht zo op een andere plek zijn. Dus geen auto’s, vliegtuigen, fietsen zijn meer nodig. Volgens de Maya’s zullen we elkaar vooral leren genezen met kosmische geestkracht. Kennis wordt meer en meer een innerlijk weten, we hebben een innerlijke aansluiting op de Akasha Kronieken, onze wereldcomputer.

Nieuwetijdskinderen gaan die tijd inleiden. Nieuwetijdskinderen kunnen ontzettend slecht tegen alleen maar met het hoofd denken. Dat weigeren ze, dat kunnen ze niet meer. Ze zijn de generatie die al helemaal aangepast is aan die nieuwe tijd die uitgaat van het denken van het hart.

Op dit moment zitten we op een cruciaal punt in de evolutie. Maar er is heel wat aan voorafgegaan. Volgens alle religieuze tradities is de mensheid heel geleidelijk aan vanuit de geestelijke wereld afgedaald naar de aarde. Het wordt ook in Genesis beschreven. Ooit leefden wij mensen in de geestelijke wereld. We kregen – tijdens die afdaling – eerst een fysiek lichaam, maar leefden er niet in. We waren ermee verbonden met een zilveren koord maar bleven leven in de geestelijke wereld, waar we omgingen met engelen, aartsengelen en de engelen van de oerkrachten. Als 2e kregen we een etherisch lichaam om het fysieke lichaam heen. Maar we bleven nog daar buiten leven.

Daarna kregen we een astraal lichaam. Door het astraal lichaam werden de mensen verbonden met emoties, driften, seksualiteit, het gevoel voor jezelf op te komen, boosheid, driften, eenzaamheid, verlangen erbij te horen. Bij het krijgen van het astraal lichaam kon de mens alleen nog maar contact malen met de engelen. De rest van de geestelijke wereld was verdwenen in de mist.

Het verlies van contact met aartsengelen en de engelen van de oerkrachten werd in die tijd gevoeld als een enorm gemis. De wereld onder hen met zijn kou, kilte, mist en modder, begon open te gaan. De mensheid moest daar heen. In het 4e tijdperk ging de mens met zijn geest het lichaam binnen. Toen verdwenen de geestelijke wereld met de engelen in een wolk van mist. Hier op aarde begon alles helder te worden. De mensen hebben die periode gevoeld als een verdreven worden uit het paradijs.

In 10.000 voor Christus zorgden 3 grote overstromingen dat Atlantis in de golven verdween. De mist die hier op de aarde hing, trok op. Vanaf dat moment kon de mens hier op aarde goed zien, maar hij kon niet meer in de geestelijke wereld kijken. De geest trok in het menselijk lichaam en ontwikkelde zich eerst tot een lager ik, een ego, een persoonlijkheid. We werden heel sterke ego’s.

Nu wordt de 2e sprong gemaakt: de ontwikkeling vanuit het ego, het lager ik, naar het Hoger Zelf. Als het Hoger ik in ons geboren wordt (en de Zonnegeest, die door de eeuwen heen vanuit de zon naar de aarde is afgedaald en vele religies tot inspiratie heeft gediend, zal ons daarbij helpen), dan zal een heel nieuw tijdperk aanbreken. Maar religies zullen gaan verdwijnen.

Tot aan de ondergang van Atlantis en het indalen van de geest in het lichaam, hadden mensen geen religies nodig. Ze leefden in een spontane verbondenheid met de engelen en kregen regelrechte leiding, informatie, liefde en wijsheid. Het natuurlijke contact met de geestelijke wereld en de engelen was verbroken. Uit een gevoel van diep heimwee naar het verdwenen paradijs ontstonden de religies. De eerst ontstane godsdiensten kennen meerdere goden: het Hindoeïsme, de Perzische religies, het Boeddhisme en de Chinese religies. De 2e groep religies, het Jodendom, Christendom en de Islam kennen allen één God.

Maar alle ingewijden van deze religies zagen hoe in de zon de gestalte van een man zich los maakte: de geest van de zon. Hij zou afdalen naar de aarde om de mensheid te helpen. Iedere ingewijde zag een ander deel van de afdaling van deze geest van de zon. Een grote ingewijde van het Hindoeïsme zag deze gestalte in de zon voor het eerst. 4000 Jaar later (5000 jaar voor Christus) zag Zarathustra, een ingewijde uit de Perzische religieuze tradities hoe deze geest van de zon al onderweg was naar de aarde. Hij concludeerde heel nuchter: “Als die Zonnegeest de aarde belangrijk genoeg vindt om te gaan wonen, dan moeten wij mensen ook leren met beide benen op de aarde te gaan staan.” Zarathustra heeft als eerste de mensen een beetje geholpen thuis te komen op de aarde.

600 Jaar voor Christus, kwam Boeddha in het vizier. De geest van de zon, de geest van de pure liefde, was al zo dichtbij dat de uiterst hoge ingewijde Boeddha Siddhãrta Gautama de inspiratie van de Zonnegeest al in zich op kon nemen en uitstralen. De Boeddha werd de grote meester die de leer van de liefde en het mededogen verkondigde.

100 Jaar voor Christus waren het de Essenen die zagen dat de geest van de zon nu vlakbij de aarde was en op het punt stond geboren te worden en zich te belichamen in de mens: Jezus van Nazareth. Sinds de dood aan het kruis van Jezus is deze Zonnegeest door Jezus heen getransformeerd en als aardse kracht geboren.

2000 Jaar heeft deze geest de mensheid al gestimuleerd zich te ontwikkelen. De mens is stap voor stap afgedaald naar de aarde, zelfstandig geworden, heeft vrijheid leren verwerven, heeft op eigen benen leren staan. Nu kunnen wij mensen eindelijk de weg naar binnen gaan, om daar het goddelijke in ons zelf te vinden. Deze geest wil in ons hart geboren worden om ons te helpen ons naar het Hoger Zelf te transformeren, naar onze innerlijke Christus, onze Boeddhanatuur. We hoeven geen heimwee meer te hebben naar het verloren paradijs. De die ons hart is binnengegaan, helpt ons de stap te maken om in plaats van te leven vanuit de kracht van ons ego, eindelijk te gaan leven vanuit de kracht van ons Hoger Zelf.

Hans vraagt retorisch: “Wat zoek je: erkenning, rijkdom of kies je voor de ontwapenende kracht van de liefde, het mededogen?” Als je voor het laatste kiest dan help je de Zonnegeest in jezelf geboren te worden. Dan wordt de weg naar het nieuwe tijdperk gebaand. Zo zal er een heel nieuwe wereld geboren worden. Vanuit die verbondenheid kunnen we weer contact maken met de engelen, aartsengelen en de engelen van de oerkrachten.

Vragen

Kun je nog meer over de religies vertellen en over Mohammed en de Islam?

Na Atlantis bevond de mens zich op een kale, maar heldere aarde. Uit heimwee naar het verloren paradijs ontstonden religies. Er waren altijd ingewijden bij wie het rechtstreekse contact met God bewaard was gebleven. Zij inspireerden heel sterk die eerste religies.Al die religies proberen de verbinding met de geestelijke wereld vast te houden en vorm te geven. Het Hindoeïsme is helemaal vanuit de inspiratie van de hoger ingewijden ontstaan en is een zeer hemelse religie. Daarna ontstonden het Boeddhisme, de Egyptische en de Chinese religies. Onder Zarathustra (een ingewijde uit Perzië) wordt de religie al wat aardser. Zarathustra ziet dat de Zonnegeest afdaalt naar de aarde. “Als de Zonnegeest dat kan,” zo concludeert hij nuchter, “dan moeten de mensen ook de aarde serieuzer gaan nemen en meer op aarde gaan leven.” Al deze godsdiensten kennen meerdere goden (polytheïsme).

Het is een heel belangrijke ontwikkeling en groei in de evolutie als er religies ontstaan die maar één God kennen: het Jodendom, Christendom en de Islam. Alle drie afstammend van aartsvader Abraham. Met het ontstaan van het Jodendom met zijn ene God heeft de mensheid de stap gezet naar ik-wording. Tot dan had de mens zich vooral beleefd als groepswezen, als ‘wij’, als familiewezen, nooit zozeer als ‘ik’. Als de mens zich een ‘ik’ gaat voelen, dan wordt ook God een Ik. Een belangrijke stap. De grote ontwikkeling van het lage ik, het ego, begint. Vanuit Abraham mag het joodse volk ik leren zeggen. Daarom wordt dat ‘het uitverkoren volk’ genoemd. Volgens overlevering veranderden de engelen heel fysiek in zijn hersenen het een en ander. Dat is in de loop van de evolutie steeds gedaan om de mensen te helpen de volgende stap in de evolutie te maken.

Dat ‘ik’ zeggen moest tot 3 keer toe herhaald worden. Bij het Christendom gebeurt dit voor de 2e keer. Het is de 2e stap in Ik-wording en de Islam is de 3e bevestiging. Mohammed zei: “Er is maar één God en zijn naam is Allah, en Mohammed is zijn profeet.” Het is de laatste definitieve bevestiging van het ik, het ego, en zeer aards. Er is dus een groot verschil tussen de 1e ontstane religie, het Hindoeïsme, dat nog zeer hemels georiënteerd is, en de Islam, de laatste grote bevestiging van het ik, het ego. Er komen enorme ego krachten vrij.

De Islam is dus de bevestiging, uitdaging en doorgang naar het hogere ik. De Islam heeft ons er weer bewust van gemaakt dat we niet zomaar om religie heen kunnen, dat we ons meer moeten bezinnen op vragen over leven en dood, waarom leven we. Anders vervallen we in een ontzettend materialisme. Alleen doordat we nu leren vanuit ons ik te reageren, hoe meer het Hoger Zelf daar dwars doorheen geboren kan worden. Daarom is de Islam de laatste grote religie. Als het Goddelijke Ik geboren is dan is er geen religie meer nodig. Dan ervaren en praten we vanuit die diepe goddelijke verbinding.

Alle religies zijn dus verschillend, de een is niet beter dan de ander. Maar alle hadden ze hun eigen opdracht en functie in hun eigen tijd en cultuur en hadden hun eigen plek in de evolutie. Religies zijn goed. Ze worden slecht als ze niet mee gaan met veranderingen maar star blijven vasthouden aan dat wat ooit eens gezegd en voorgeschreven was. Bij het Christendom: vrouwen mogen geen priester worden bijvoorbeeld. De Islam is in Nederland de 2e grote religie geworden. In de Koran wordt in Soera 19 op een zeer ontroerende manier over Jezus verteld. Hans raadt ons aan ons eens te verdiepen in de Islam, de Koran eens te lezen, of eerst te beginnen met het boek:‘De Islam voor Dummy’s’.

De Mayakalender spreekt over 2012 als het punt van omslag. Het is toch een geleidelijke overgang, het kan toch nooit ineens gaan?

Ja, we zitten al middenin de grote overgang. Het oude wordt afgebroken, het nieuwe wordt geboren. We leren op een andere manier met bijvoorbeeld. de economie om te gaan, groen sparen, nieuwe vormen van onderwijs, imams en priesters die samen in overleg gaan om bruggen te bouwen. De Hindoetradities zeggen dat de grote overgang pas in 2342 voltooid is. Het is enorm in beweging. Maar 30-jarigen hebben het al helemaal in zich.

Ik hou van zoveel zaken met betrekking tot ons astrale lichaam, zoals seksualiteit etc. Moet of mag ik dat straks allemaal opgeven of komt er iets voor in de plaats wat veel mooier is?

Alsjeblieft geniet volop van het aardse. Voorlopig hebben we de seksualiteit nog nodig als aardende kracht. Nieuwetijdskinderen die weten alles al, hebben die nieuwe vorm van liefde al in zich. Maar voor deze kinderen is aarden veel moeilijker. Via seksualiteit en sporten kunnen ze zich aarden. Bij seks komt ook die oerkracht vrij. Als wij ons verbonden hebben met ons Goddelijk ik, vormt seksualiteit de verbinding, als we één worden met de ander. Als we seks niet alleen gebruiken voor eigen genoegen. Dan gaan we seks niet meer op het fysieke vlak beleven maar op het geestelijke vlak.

We hebben 2 dochters, waarvan er 1 jaren geleden jong overleden is. Onze andere dochter heeft af en toe contact met haar en kreeg door: pappa zit op slot. Ik wil graag dat slot verbreken.

Als je ècht open wilt gaan, maar pas op, dat heeft een prijs. Je bent niet voor niks op slot gegaan. Ben je bereid tegenover de goddelijke wereld uit te spreken: “Ik wil open gaan.” Als je dàt echt uitspreekt, vanuit je hart, dan krijg je precies die levenslessen naar je toe op het voor jou juiste tijdstip, die je zullen helpen om open te gaan. Maar je gaat alsnog door die oude pijn heen. Je krijgt liefdevolle hulp van boven. Er is veel geduld voor nodig en ook heel veel liefde van de mensen om je heen.

Als het echt werkelijkheid wordt dat we allemaal vanuit ons hart leven, liefde en mededogen proberen te verwerkelijken, waarom zou ik dan nog dood gaan.

Johannes in Openbaringen: “Ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. De dood was niet meer.” Dus als deze ontwikkeling doorgaat, zullen we ook de dood overwinnen. Dat zal echt gebeuren, heel concreet. Maar er is nog veel ontwikkeling nodig.

Je blijft in contact met de al eerder gestorvenen. Steeds meer mensen in onze tijd hebben nog contact met de gestorvenen. Het gordijn dat bij de ondergang van Atlantis dicht is gegaan, begint weer open te gaan.

Komen of zijn er in deze tijd niet weer hoog ingewijden die ons helpen?

Ze zijn er al. Nelson Mandela, de grote heilige van deze tijd, moeder Theresa. Maar ze worden meestal niet herkend. Oud-koningin Juliana, die het mogelijk heeft gemaakt dat de Nag Hamadi geschriften, de gnostische geschriften van het Christendom aangekocht werden. Zij was ook een ingewijde, alleen is ze niet herkend. Een ingewijde = een wetende. Er lopen er vrij veel rond. Maar maak er niet halve heiligen van. Hans vertelt dat hij steeds meer mensen wakker ziet worden. Ze zeggen b.v. tegen hem: ik wist het eigenlijk al zonder dat ik het gelezen heb. Velen uit de tijd van Atlantis en de Egyptische tijd leven nu op aarde.

Het Hindoeïsme, het Boeddhisme, aanhangers van deze religies, hoe zitten die met het ego en hun ontwikkeling daarin.

Boeddha zei nog: de mens heeft geen ik. Als de mens sterft, lost hij op in het nirwana. Dat klopt in zijn tijd, in zijn sfeer.

Maar voor de huidige boeddhisten is het vanzelfsprekend dat de mens een ik-wezen is en dat er na de dood een ik overblijft. De aardse religies (vanaf de Perzische, het Jodendom, Christendom, Islam) in Amerika en West Europa hebben de aarde aardig ontwikkeld. De hemelse religies, het Hindoeïsme, het Boeddhisme, de Chinese en Egyptische religies, hebben vooral geprobeerd de aarde de verbinding met de hemel te laten bewaren. Daarom zijn ze achter gebleven in de ontwikkeling die in Amerika en West Europa heeft plaatsgevonden. Het ging om de hemel, niet om de aarde.

Nu komen deze twee stromen naar elkaar. In de oosterse wereld is een hernieuwde aandacht voor de aardse werkelijkheid en de westerse wereld ziet steeds duidelijker in: een leven zonder spiritualiteit gaat niet meer. Een wereld zonder verbinding met de geest gaat niet meer. We zijn de verbinding met de waarden waar het echt om gaat, aardig verloren. Een eerste grote verbinding is in onze tijd gelegd tussen het Boeddhisme en het Christendom. Ze zijn bezig elkaar te bevruchten en te inspireren. Alle religies zijn in oorsprong goed. De Islam geeft de kracht van de aarde, de Joodse traditie geeft een sterk gevoel voor recht, rechtvaardigheid, het Christendom geeft een groot gevoel voor de liefde, maar Boeddha heeft ons ooit geleerd dat in de praktijk waar te maken. En het Hindoeïsme leert ons: hou het lijntje met boven vast.